Nieuwsbrief van het
Wenckebach Instituut
Jaargang 2, nummer 4
juni 2006
 
Een spannende workshop: feedback in de praktijk
  Vooroordeel? Het geven van feedback kost zeeën van tijd. Majidah Shadid (kinderarts in het UMCG) en Robert Vodegel (dermatoloog in het MCL) laten zien dat dit wel meevalt. Ze maken er een spannende workshop van. De zaal observeert, geeft feedback, discussieert en denkt mee. Shadid en Vodegel maken het realistisch door een video te gebruiken van een gesprek dat Shadid voerde.


Majidah Shadid en Robert Vodegel

Het gaat snel tijdens deze workshop over feedback geven. Vodegel introduceert in vijf minuten de spelregels voor feedback zoals die door Pendleton zijn bedacht en tijdens de trainingen Teach the teacher worden gebruikt. Je vraagt de aios wat er goed ging, je vertelt zelf wat er goed ging, je vraagt de aios wat er beter kan en vertelt vervolgens zelf wat er beter kan. En tenslotte vraag je de aios om het gesprek kort samen te vatten. Wat blijf je doen, wat ga je veranderen? Tot zover is het eenvoudig. De praktijk blijkt weerbarstiger. Om dat aan den lijve te ondervinden toont Shadid een fragment van een feedbackgesprek dat zij onlangs voerde met een aios. Ze vraagt de deelnemers om haar daarop feedback te geven. Marcel Jonkman, dermatoloog in het UMCG wordt gevraagd als moderator op te treden. Jonkman wordt wat overvallen door de vraag maar pakt geroutineerd de microfoon.

Concreter, compacter 
Geheel volgens de regels vraagt hij Shadid wat er volgens haar goed ging. Die vraag had ze voorbereid. Shadid: 'De aios heeft de neiging om heel sturend te zijn in haar besprekingen met de patiënt en de ouders. We hadden afgesproken dat ik haar juist op dat punt feedback zou geven. En dat deed ik, vind ik zelf.' Dan krijgt de zaal als opleider het woord. Van alle kanten komen er reacties. Shadid is empatisch, ze biedt structuur, en inderdaad, ze koppelt haar gesprek aan de doelstellingen van de aios. Wat kan er beter, vraagt Jonkman. Shadid: 'Ik ben blij dat het op band staat. Ik stelde het me wat rooskleuriger voor. Ik vind dat ik veel gesticuleer als ik aan het woord ben. Maar het belangrijkste verbeterpunt is dat ik te laat mijn punt maak. Ik heb te veel woorden nodig.' Dat blijkt ook precies de reactie van de deelnemers te zijn. Een van de aios: 'Je wilt het te vriendelijk brengen maar daardoor heb je te veel woorden nodig. Formuleer concreter, compacter.'

In hoeverre is deze aanpak nu haalbaar in de praktijk? Het belangrijkste bezwaar noemt Vodegel zelf: 'Deze feedback op de feedback duurde vijftien minuten. Dat is te lang, dat lukt je niet in een drukke polikliniek.' Hij stelt vast dat mensen de neiging hebben om uit te wijden. 'Wees concreet,' is zijn advies, 'er blijft van wat je zegt toch heel weinig hangen.' Hij geeft een eenvoudige vuistregel: 'Beperk je tot drie positieve en drie negatieve punten. Dan kan het echt in zeven minuten.'

Tik op de neus 
Er zijn enkele aios in de zaal. Een van hen herkent weinig in het belang van feedback. 'Ik krijg vooral feedback in het jaargesprek en eigenlijk heb ik ook geen behoefte aan meer feedback. Je kunt zelf prima inschatten hoe je presteert en wat er beter kan.' Een deelnemer is het wel met hem eens. Hij formuleert het, geheel volgens de regels die Vodegel zelf noemde, compact en concreet: 'Iemand ongenadig op zijn flikker geven kan heel vormend zijn.' Zijn duidelijke stellingname maakt wat los in de zaal: 'Het is ook een kwestie van timing', zegt een collega, 'is het zelfvertrouwen te groot dan kan een flinke tik op de neus nuttig zijn maar is het zelfvertrouwen te laag, dan is een compliment ook wel op zijn plaats.' Vodegel waarschuwt: 'Je wilt dat de ander wat doet met je feedback. Als je te snel te negatief bent, sluit de ontvanger zich af, zo leert de ervaring.'

Generatiekloof 
Andere aios hebben wél behoefte aan feedback, zo blijkt uit hun reactie. Tijdens de plenaire discussie oppert een van de opleiders de mogelijkheid dat er sprake is van een kleine maar fundamentele generatiekloof. Er zijn aios die in hun basisopleiding al wel geleerd hebben om feedback te geven en te ontvangen op een planmatige en gestructureerde manier en er zijn er die dat niet hebben gehad.

Om het Droste-effect compleet te maken én om te laten zien hoe kort een feedbackgesprek kan duren, voert Vodegel ter afsluiting nog een feedback gesprek over de manier waarop hij de feedback in goede banen leidde over de feedback die Majidah Shadid haar aios gaf. Twee minuten!

 

Terug naar voorpagina