|
Vier keer per jaar verzorgt het Wenckebach Instituut een masterclass oncologieverpleegkunde. De eerste twee edities zijn inmiddels achter de rug. Met een stijgende lijn in deelnemers. Kende de eerste editie in februari nog een kleine 15 deelnemers, in mei was dit aantal inmiddels verdubbeld. Maar wat houdt dat in, zo’n ‘state of the art’? Christine Compaan, verpleegkundig consulent oncologie uit Meppel woonde beide masterclasses bij en deelt haar ervaringen.
Targeted Therapy (17 februari)
Patiënten met kanker worden steeds vaker behandeld met targeted therapy. Targeted therapy is een behandeling tegen kankercellen die in hun erfelijke materiaal veranderingen hebben ondergaan en zodoende maligne zijn ontaard. Het doel van deze masterclass lijkt wat theoretisch, maar biedt ook ruimte voor praktijk:
| |
U heeft kennis van en inzicht in moleculaire principes van targeted therapy. U bent bekend met genmutaties in kankercellen, signaaltransductie, micro-array en ontwikkelingen op het gebied van nieuwe medicatie. Ook kent u de indicaties, effecten en bijwerkingen van targeted therapy op korte en lange termijn. U weet welke observaties en interventies u kunt toepassen. En u heeft inzicht in het bespreken van het ‘veranderd zelfbeeld’. |
|
Compaan vertelt dat er inderdaad een goede mix van theorie en praktijk was.‘Het was niet zozeer dat je dingen leert die je nog niet wist. Het is meer dat je de dingen weer opfrist en weer beter op een rijtje hebt. Alleen blijft het lastig hoe je een en ander met de patiënt bespreekt.’ Met de werkvorm was een goede keuze gemaakt volgens Compaan. ‘We moesten in groepjes van twee of drie een powerpoint presentatie maken die je dan meteen kon presenteren aan collega’s in je eigen ziekenhuis. Zo krijg je alle informatie duidelijk op een rij. Zeker met de relatief nieuwe patiëntengroep van targeted therapy heeft dit toch wel meerwaarde.’
Gastro-enterologische oncologie (26 mei)
U leert wat de histologische, pathologische en celbiologische kenmerken zijn van tumoren in het spijsverteringskanaal en welke rol chirurgie en radiotherapie spelen in de behandeling. Een aantal specifieke gevolgen van behandelingen zoals complicaties ten aanzien van stoma- en wondzorg komen aan de orde. Maar ook verandering in het seksueel functioneren. Waarbij we aandacht hebben voor het bespreken van deze verandering en mogelijke interventies met de patiënt.
De tweede masterclass was wat minder ‘master class’, laat Compaan weten. ‘Wat mij betreft had er meer verdieping mogen zijn. Maar dat kwam ook wel door de deelnemers. Een theoretische presentatie over radiotherapie in het algemeen was voor mij wel heel bekend, maar voor anderen in de zaal weer niet. Doordat deze presentatie uitliep, was er geen tijd meer voor de verdieping (tweede deel van het praatje) over chemo en radiotherapie bij een rectum carcinoom. Op de poli waar ik werk zien we deze patiënten regelmatig, dus daar had ik graag meer van gehoord.’ De dag kende veel praktijk, wat minder theorie. Helaas voor Compaan was het niet de praktijk waar zij veel aan had. ‘Er waren veel mensen in de zaal die patiënten verplegen, daardoor ging veel aandacht uit naar de praktijk op een verpleegafdeling’.
Vaste prik?
Overall is Compaan tevreden over de masterclasses en hebben ze haar geënthousiasmeerd. ‘Het is altijd leuk om bij te leren, nieuwe dingen te horen en kennis op te frissen. Helaas zijn deze scholingen aan de dure kant, waardoor een vaste prik er voor mij waarschijnlijk niet in zit. Ook omdat ik mijn poli dicht moet zetten als ik weg ben.
De eerstvolgende masterclasses vindt plaats op 15 september (Neuro-oncologie).
Meer informatie vindt u op onze website.
|