Nieuwsbrief van het
Wenckebach Instituut
Jaargang 3, nummer 2
maart 2007
 
Werkgroep ontwikkelt kaders voor discipline overstijgende cursussen
 

Een werkgroep onder leiding van neurochirurg professor Jan Jacob Mooij stelde kaders op voor tenminste tien discipline overstijgende cursussen voor en van de Onderwijs- en Opleidingsregio Noord- en Oost–Nederland (OOR NO). Kaders kunnen een keurslijf worden. Mooij typeert ze liever als keurmerk.

Op verzoek van de Centrale Opleidings Commissie en de Raad van Bestuur onderzocht een werkgroep de mogelijkheden om het discipline overstijgend onderwijs aan aios een logische en gewaardeerde plaats te geven binnen het onderwijs voor aios in de OOR NO. Mooij: ‘Binnen de OOR NO is onderzocht aan welke discipline overstijgende cursussen aios en opleiders behoefte hebben. Op basis daarvan is een top tien vastgesteld. Met die tien cursussen gaan we dus aan het werk.’

     

                               Jan Jacob Mooij

Instaptoets
De werkgroep streeft naar een cursusaanbod dat staat als een huis. Daartoe ontwikkelde de werkgroep een aantal kaders. Mooij: ‘We maken voor alle disciplineoverstijgende cursussen een instaptoets. Waar sta je? Op basis van die instaptoets omschrijven aios wat ze minimaal willen leren. In elk geval leidt dat tot bewustwording. Ze gaan niet volkomen blanco de cursus in. Maar ook de eindtoets is nauw omschreven. In elk geval zullen ze een soort aanwezigheidsplicht kennen. Maar we zullen ook toetsen of de leervragen die de aios op grond van de instaptoets formuleerde, voldoende zijn beantwoord. En zo niet, dan moet de deelnemer wat extra dingen doen.’ Alle cursussen zullen bovendien geheel competentiegericht worden opgezet, in lijn met de vernieuwde curricula van de medisch specialistische opleidingen.

De hele regio
Om deze kaders uit te werken voor de tien meest gevraagde disciplineoverstijgende cursussen zullen tien werkgroepen elk met één cursus aan de slag gaan. Deze werkgroepen bestaan uit een inhoudsdeskundige uit de OOR NO, een onderwijskundig consulent van het Wenckebach Instituut en een aios. Mooij: ‘We doen zoveel mogelijk een beroep op mensen uit de hele regio. We maken gebruik van bestaande kennis en kunde en gaan die breder aanbieden.’ Sommige cursussen draaien al naar volle tevredenheid. De cursus ‘Communicatie en samenwerking’ bijvoorbeeld. Mooij: ‘Die cursus zullen we licht aanpassen zodat hij aansluit op de kaders die we vaststelden. Maar andere cursussen staan nog in de kinderschoenen.’

Veel medisch specialisten willen een zo specifiek mogelijk aanbod. Mooij begrijpt dat. ‘De cursussen die wij ontwikkelen zijn startcursussen. Ik kan me voorstellen dat sommige disciplines na zo’n startcursus een disciplinespecifieke vervolgcursus willen geven.’ Uiteindelijk streeft Mooij naar een situatie waarin alle medisch specialisten die in de OOR NO zijn opgeleid, deze disciplineoverstijgende cursussen hebben gevolgd: ‘We maken van de disciplineoverstijgende cursussen een keurmerk.’

 

Terug naar voorpagina